Textiel in kunst, mode en dagelijkse omgeving

Textiel in kunst, mode en dagelijkse omgeving (groep 7 en 8)


In zes lessen onderzoeken kinderen uit groep 7 en 8 diverse mogelijkheden van textiel.

kick off met powerpoint met lekker extreme mode en design: bv. Walter van den Beierendonck, droogdesign enz.

Om kinderen op gang te maken en met materiaal en ideeën te laten stoeien maken de leerlingen en moodboards ( helaas ontbreken de foto’s) om mogelijkheden te onderzoeken. In tussenliggende lessen werden diverse technieken als haken, breien en naaien op de naaimachine aangeleerd. hiervoor is het wel aan te raden dat er voor de diverse aan te leren technieken iemand beschikbaar is die dat in kleine groepjes met de kinderen uitvoert. Denk aan ouders of grootouders of andere vrijwilligers.  Dit is nodig als kinderen nauwelijks vaardigheden hebben op het gebied van textiel.

Als tussendoor opdracht kunnen de leerlingen een  logo ontwerpen voor hun eigen creaties. De presentatie kan in de vorm van een modeshow of een tentoonstelling.


  • Onderwerp: Textiel in kunst en dagelijkse omgeving (groep 8)
  • Dimensies: 3D
  • Beeldaspecten: Kleur, structuur, bewerkingsvorm, ritme, compositie
  • Materiaal/Techniek: Alle textiele materialen naar keuze, technieken worden gekozen naar aanleiding van de materiaalkeuze of omgekeerd.
  • Vakgebied: Textiele werkvormen, kunst, design, ambacht
  • Beschouwing:

    Powerpoint met voorwerpen uit beeldende kunst en mode, kostuumgeschiedenis, design, in huis, (eigen)kleding

  • Leerdoelen:

    Kinderen onderzoeken de toepassingsgebieden van textiel. Kinderen kunnen zelf daaruit een interessegebied kiezen en met behulp van een zelf te kiezen bewerkingstechniek een bruikbaar voorwerp of beeldend object maken. Kinderen leren één van de textiele technieken : breien, haken, naaien (machine?) , die ze nodig hebben voor een werkstuk.

  • Werkwijze:

    Projectmatig. Kinderen onderzoeken de mogelijkheden en diverse werkwijzen met textiel en kiezen uiteindelijk voor een eigen uit te voeren project.

  • Opdracht:

    • Les 1: ll. Maken alleen of in groepjes een mindmap over wat zij zich voorstellen met textiel
    • Les 2: in kleine groepjes worden diverse bewerkingstechnieken van textiel geoefend en uitgeprobeerd: breien, haken, werken met de naaimachine, oefenen van handmatige naaisteken, enz. afhankelijk van de mankracht en de grootte van de groep. Je kan er ook voor kiezen om in een paar lessen diverse technieken te oefenen ( uitwerken in lessenserie)
    • Les 3 ll maken een schetsplan voor een eigen kledingstuk, voorwerp voor in huis of een beeldend object.
    • Les 3, 4 evt 5 of zelfstandig werken. Uitvoeren van plan Presentatieles: vorm naar keuze : modeshow, tentoonstelling of presentatie met een praatje waarin ll iets vertellen over wat ze hebben geleerd en  gemaakt. Ruimte voor korte tussen opdrachten bv ontwerp een logo.

  • Materialen en gereedschappen:

    Omdat voor groep 7 en 8 in deze lessen gekozen is voor een grote keuzevrijheid in onderwerp, materiaal en te leren techniek moet er een ruime keuze zijn in aansprekende materialen en gereedschappen. Kinderen zelf ook laten verzamelen. Ik geef ze hier weer in clusters Wol, brei en haaknaalden Diverse stoffen Diverse garens ( naaidraad, borduurzijde, enz.). Naaimachine (hiervoor is begeleiding nodig die hier de weg op weet) touw

  • Korte handleiding van mogelijke processen in de les:

    Organisatie: tijdsduur, meerdere lessen

    Plaats: klaslokaal of andere plaatsen waar de ll. zelfstandig kunnen werken

    Introductie van het project: kick off of andere prikkelende presentatie van onverwachte beelden op het gebied van textiel. Instructie: aanleren en oefenen van diverse vaardigheden

    Uitvoering /begeleiding: leerkracht monitort de processen van de ll en springt in waar hulp nodig is.

    omdat de kinderen nauwelijks vaardigheden op het gebied van textiel was er veel aandacht nodig hiervoor. Gebruik vande naaimachine is eigenlijk alleen mogelijk als daar ee nextra begeleider is.

  • Nabeschouwing, werkbespreking met de leerlingen:

    Wat wilden ze leren ?

    Hebben ze hun doelen behaald?

    Wat zouden ze nog willen leren?

    Zie slo boek over projecten?

  • Opmerkingen van de leerkracht:

    -